zondag 11 september 2011
Stotteren
Van travestieten moet ik aan de logopedie. Als ik met ze praat, dan zien mijn hersenen pruik, boa en lippenstift, maar seinen mannelijke grammatica door. Pogingen van mij om te corrigeren, eindigen vaak met een onzijdig gemompel. Mijn laatste ontsporing was op een dagje workshoppen over biseksualiteit. In de laatste pauze, op weg naar het afsluitende feest, had een aantal heren zich verkleed. De visagie was top. Van de meesten kon ik mij onmogelijk herinneren of ik ze eerder die dag in een broek gezien gehad. Op de trappen van het gebouw was het soms dringen geblazen. Een groepje stijgende travo’s raakte vast. Giebelend probeerden we ons langs elkaar te wurmen. Ineens voelde ik een stekende pijn aan mijn rechtervoet. Hoewel mijn gezicht warmpjes tegen een schuimrubber voorgevel geplakt was, kon ik nog net zien dat ik aan een stiletto gespietst was. Afgaande op de bijbehorende dame, drukte 100 kilogram per vierkante centimeter op mijn wreef, volgens wiki de bijtkracht van een forse hond. Wat was hier de etiquette? ‘Hé lul, doorlopen met die schuiten’ liet ik wel uit mijn hoofd. Een kameraadschappelijke por was te overwegen. Of zou ik haar galant complimenteren met de parfum die uit haar decolleté opsteeg, om vervolgens te hinten dat feestgangers verderop ook vast het luchtje wilde ruiken? Een wave in de file verloste mij van het dilemma. Hinkelend zocht ik een barkruk op. Terwijl ik zurig bedacht dat de feestorganisatie beter op wapenbezit moest controleren, schoof er geruisloos een beeldschone travo naast mij. “Dag jochie, wil je wat van mij drinken?” Dáár hadden mijn hersenen geen moeite mee. Ik articuleerde een duidelijk ‘ja’. Misschien was ik genezen.
zaterdag 27 augustus 2011
Geert is Anders
Hup Geert hup! Ik hoop dat hij ons nog lang verrijkt met zijn inzichten over mens en maatschappij. Door Geert kennen wij de onderbuikgevoelens van het volk en worden wij behoed voor het echte extreem rechts.
Deze vakantie was ik in Noorwegen, een weekje na ‘Oslo’. Op een picknickplaats langs de snelweg kregen wij gezelschap van een adolescente voetbalclub. Vijftig knullen met afgezakte broeken en scheve petten rolden de bus uit. “Dat belooft wat,” mopperde ik oubollig en trok de koelbox nog wat dichterbij. Maar nee, de groep verblufte door een evenwicht van gezelligheid en discipline. Het straatmeubilair bleef heel, ze schreeuwden niet en de plasjes werden in het daartoe bestemde hokje gedaan.
De busgroep bevatte tien donkere jongens. Ze leken volledig geïntegreerd en geaccepteerd. Ik constateerde dat Anders Breivik eigenlijk een verliezer en een domoor is. Zijn moordpartij drijft de strategen van extreem rechts vast tot wanhoop en de zwevende kiezer weet nu wat voor vlees hij in de kuip heeft. Multiculti is geen eindproduct van de Noorse of welke PvdA dan ook. Het ontstaat in de samenleving. Gewoon, omdat de meeste mensen op normale voet met hun medeburgers willen verkeren en plezier prefereren boven geweld. Hooguit kun je zeggen dat wanneer multiculti tot voorkeursbehandeling en subsidioterie leidt, mensen gefrustreerd raken. Op de terugweg dacht ik aan Geert. Die schreeuwt, na een obligate veroordeling van Anders’ daad, harder dan ooit over links. Ik vind het amusant worden en dat is volgens mij het stadium dat de PVV moet vrezen. Maar, laten wij het politiek talent van Wilders respecteren en zijn boodschap serieus nemen. Alleen door Geert het woord te geven, wordt zijn venijn zichtbaar. Tenminste, als hij zich weer eens verwaardigt in het parlement te verschijnen.
Abonneren op:
Posts (Atom)

